Werkbezoek CDA bij Buurtsupport Emmen
EMMEN - De gemeente Emmen heeft te maken met een vaste en harde kern aan steuntrekkers. ?Een granieten bestand dat bijna familiair bepaald is?, gaf directeur Joop Einhaus van Stichting Buurtsupport Emmen de CDA-fractie mee. Zij waren maandagmiddag bij hem aangeschoven voor een werkbezoek.
Zeven van de acht CDA-fractieleden legden hun oor bij Einhaus te luister. Het verschafte hen vooral een verhelderend beeld van de onderkant van de lokale samenleving. Zo kregen zij te horen dat bovengemiddeld veel Emmenaren leven van gemeentegelden. ‘Dat heeft ook te maken met het lage opleidingsniveau. 44 procent van de beroepsbevolking heeft hier een opleiding lagere school of minder‘, vertelt Einhaus.
Dat kreeg hij andermaal bevestigd, toen hij een cursus laaggeletterdheid voor analfabeten lanceerde. ‘Maar liefst honderd cursisten namen daar aan deel.‘ Buurtsupport heeft de taak: lieden die op de arbeidsmarkt geen uitzicht op een baan hebben, aan het werk te krijgen. In dat proces wordt nauw samengewerkt met Schuldhulp, Verslavingszorg, Sedna en verschillende opleidingsinstituten. ‘Je moet er voor zorgen dat mensen eerst rust in hun hoofd hebben, voordat je met ze kan werken.‘
Wanneer die missie slaagt of voor onmogelijk wordt gehouden, ‘stroomt iemand uit‘. In het positieve geval zijn daar vaak vele jaren mee gemoeid. ‘Vorig jaar zijn er drie met een MBO3- diploma uitgestroomd, waarvan eentje pas na negen jaar‘, licht de Buurtsupport-directeur toe. De genoemde granieten kern is volgens hem nauwelijks tot uitstroom te bewegen. Momenteel werken circa tweehonderd mensen bij Buurtsupport. Voornamelijk in de groenvoorziening of productie. Een deel ontvangt salaris, de rest heeft een zogenaamde participatiebaan of stageplek en werkt voor het behoud van zijn uitkering.
Dat kreeg hij andermaal bevestigd, toen hij een cursus laaggeletterdheid voor analfabeten lanceerde. ‘Maar liefst honderd cursisten namen daar aan deel.‘ Buurtsupport heeft de taak: lieden die op de arbeidsmarkt geen uitzicht op een baan hebben, aan het werk te krijgen. In dat proces wordt nauw samengewerkt met Schuldhulp, Verslavingszorg, Sedna en verschillende opleidingsinstituten. ‘Je moet er voor zorgen dat mensen eerst rust in hun hoofd hebben, voordat je met ze kan werken.‘
Wanneer die missie slaagt of voor onmogelijk wordt gehouden, ‘stroomt iemand uit‘. In het positieve geval zijn daar vaak vele jaren mee gemoeid. ‘Vorig jaar zijn er drie met een MBO3- diploma uitgestroomd, waarvan eentje pas na negen jaar‘, licht de Buurtsupport-directeur toe. De genoemde granieten kern is volgens hem nauwelijks tot uitstroom te bewegen. Momenteel werken circa tweehonderd mensen bij Buurtsupport. Voornamelijk in de groenvoorziening of productie. Een deel ontvangt salaris, de rest heeft een zogenaamde participatiebaan of stageplek en werkt voor het behoud van zijn uitkering.
In 2007 stroomden 185 mensen in en 177 uit, waarvan ruim zestig negatief, die vervolgens worden gekort op hun uitkering. ‘Sommigen zijn met de noorderzon vertrokken. Zij hebben vaak geen vaste woon- of verblijfplaats en meldden zich dan bij een andere gemeente. Dat grijze gedeelte trekt soms van Hardenberg tot aan de gemeente Pekela‘, aldus Einhaus.
Het omvangrijke bestand aan steuntrekkers is van oorsprong op te splitsen in twee groepen. Einhaus: ‘één groep stamt af van de toegestroomde veenarbeiders die na de verveening werkloos zijn geworden. De tweede groep kwam vanuit het Westen naar Bargeres, dat indertijd bevolkt moest worden. Veel van hen liepen al bij de sociale dienst en konden hier een beter woning en hogere uitkering krijgen.‘